Cursussen, trainingen, workshops, 

seminars en clinics op het gebied van bewegen, onderwijs en psychologie.



Zo denken we

Spelen met gedrag is onze uitdaging. 

Zo werken we

Van de theorie naar de praktijk. Van ontwikkelingspsychologie en motorisch leren tot veilig omgaan met de trampoline in de gymzaal. 

Dit doen we

Thema biedt cursussen, trainingen, workshops, seminars en clinics aan op het gebied van bewegen, onderwijs en psychologie. 



Facebook

Twitter



Blog

Motorisch leren; enkele kenmerken

Motorisch leren is het proces van toenemende vloeiendheid, accuratesse en snelheid van bewegingen. Het steeds effectiever en meer efficiënte bewegen is van toepassing op complexe vaardigheden zoals op je fiets stappen en wegrijden, in bomen klimmen en pianospelen of meer eenvoudige vaardigheden als het gooien, vangen of stuiten van een bal. Motorische leerprocessen spelen ook een rol bij het bewaren van je evenwicht of het opvangen van een (bijna) val. Motorisch leren gaat over het steeds beter afstemmen van geleerde vaardigheden op de omgeving.

 

  

Kenmerken van motorisch leren

In het motorisch leerproces van toenemende vloeiendheid, accuratesse en snelheid is een aantal kenmerken te benoemen:

  • Hoe meer herhalingen hoe beter een vaardigheid beheerst wordt, oftewel oefening baart kunst. Dit verschijnsel staat bekend als de power law of practice.
  • De toename van het vaardigheidsniveau is te zien in accuratesse. De nauwkeurigheid gaat omhoog: de verhouding aantal raak en mis verandert. En er is steeds minder tijd nodig om de vaardigheid uit te voeren: de uitvoering verloopt sneller.
  • De bewegingen vergen steeds minder aandacht. Je kunt naast het uitvoeren van de beweging ook nog iets anders doen. Je kunt bijvoorbeeld een bal stuiten en om je heen kijken. Je kunt jongleren met drie balletjes en tegelijkertijd een praatje maken.
  • Naarmate de uitvoering meer nauwkeurigheid vraagt, zal de snelheid waarmee de beweging wordt uitgevoerd, weer lager worden. 

 

Serie artikelen

Voor het vakblad van leraren lichamelijke opvoeding schreven we een serie artikelen over spelen en bewegen met kleuters. We hanteren hierin een vijftal uitgangspunten:

  1. De LEER-kracht van het kind;
  2. Opstellingen met veel differentiatiemogelijkheden waarbij gevarieerd wordt in hoogte, breedte, lengte, hellingshoek en overstapmogelijkheden. Door de grote variatie kunnen kleuters zelfstandig aan de slag. Vrij spelend gaan kleuters op zoek naar eigen oplossingen voor beweegproblemen wat een competent gevoel geeft en het zelfvertrouwen vergroot;
  3. Het creëren van ontwikkelruimte - het spanningsveld tussen speelruimte en handelingsmogelijkheden - binnen alle domeinen op eigen tempo, niveau, interesses en leerstijl;
  4. Speelkriebels zijn te omschrijven als de betekenissen die het kind zelf aan een bepaalde activiteit geeft om daarmee op eigen manier vorm te geven en deel te nemen aan die activiteit. De speelkriebel is wat de bewegingsactiviteit maakt tot een activiteit waarmee het kind iets kan. Kinderen hebben en ervaren verschillende speelkriebels en komen verschillende dingen halen en brengen in de les.
  5. Aansluiten bij wat een kind wil en kan. Oog hebben voor de specifieke speelkriebels zorgt dat bewegingsactiviteiten beter gaan aansluiten bij wat een kind wil en kan. De activiteiten worden betekenisvoller en krachtiger. Er wordt een bewegingsomgeving gecreëerd waarin activiteiten meer gaan lukken.

 

Impliciet en expliciet leren

Recent is er een interessant artikel over expliciet en expliciet motorisch leren verschenen waarin deze uitgangspunten in vergelijkbare vorm terug zijn te vinden. Wil je komen tot een optimale vorm - effectief en efficiënt - van motorisch leren is het belangrijk, zo wordt vastgesteld, om gebruik te maken van het ‘zelflerend vermogen’. 

  • Het kind steeds meer betrekken bij zijn eigen leerproces. De eigen rol wordt hierin groter. Een mooi voorbeeld is dat wanneer je kinderen zelf het moment van feedback laat bepalen (zelfgestuurde feedback) dit leidt tot een beter leerresultaat in vergelijking met feedback gegeven op een moment dat het de leerkracht schikt.
  • Een wordt een hoge mate van zelfstandigheid van kinderen verwacht wordt voor (latere) deelname aan de bewegingscultuur. In de praktijk van het bewegingsonderwijs is hier zeker aandacht voor. Deze hoge mate van zelfstandigheid van kinderen is toe te passen op het arrangement, de uitvoeringswijze en de reguleringswijze.

De toegenomen betrokkenheid van een kind bij zijn leerproces heeft ook invloed op de rol van de leerkracht. In plaats van uitleggen, opdrachten geven en hulp verlenen kan de leerkracht nu een omgeving creëren waarin het kind zelf actief kan leren. Actief leren vindt plaats binnen een betekenisvolle en krachtige leeromgeving. Een omgeving die bestaat uit:

  • Arrangementen met veel aandacht voor differentiatiemogelijkheden, waarbij er veel ruimte is voor de inbreng en wensen van de kinderen;
  • Opstarten van een les waarin meerdere soorten van instructie worden toegepast, waarbij wordt aangesloten bij verschillende leervormen en leerstijlen;
  • Mogelijkheid om te experimenteren en de ruimte om tot eigen oplossingen te komen.

 

Overeenkomsten

De beide artikelen hanteren dezelfde rode draad. In de serie over Spelen en bewegen met kleuters wordt ingezoomd op het kader dat nodig is om het jonge kind tot optimaal leren te laten komen. Het artikel over impliciet en expliciet leren legt het accent op de benodigde didactische kennis en vaardigheden van een leerkracht gericht op verschillende vormen - zowel expliciet als impliciet - van motorisch leren. In het verlengde ervan wordt antwoord gegeven op de vraag welke didactische kennis een leerkracht nodig heeft om een motorisch leerproces optimaal te begeleiden.

 

Het vergroten van de vakdidactische kennis en vaardigheden op het gebied van impliciet en expliciet leren is belangrijk om een motorisch leerproces beter te kunnen begeleiden en sturen. Meer bewustwording over de verschillende manieren en mogelijkheden van motorisch leren zorgt ervoor dat de leerkansen op het gebied van bewegen voor alle kinderen in het basisonderwijs worden vergroot.

 

Klik ook het volledige artikel Expliciet impliciet leren in de les bewegingsonderwijs.

0 Berichten

Waarom is bewegingsonderwijs (zo) belangrijk voor kinderen?

“Bewegen maakt slimmer.” “Bewegen is van essentieel belang voor de gezondheid.” “Betere cognitieve vaardigheden door bewegen.” Dit zijn slechts enkele uitspraken en claims die je regelmatig hoort over bewegingsonderwijs. Daarnaast krijgt bewegen tegenwoordig ook een belangrijke rol toebedeeld bij het leren van taal en sociale omgang met leeftijdsgenootjes. Kortom: bewegen is ‘hot’! 

 

Tegenwoordig is er dan ook veel belangstelling voor beweging bij kinderen. Maar waarom is onderwijs in beweging nu zo belangrijk voor kinderen? En waarom wordt er zo’n groot belang gehecht aan het bewegingsonderwijs op school?

meer lezen 0 Berichten

Wat maakt bewegingsonderwijs inspirerend - deel 2

Deze tweedelige serie gaat over inspirerend bewegingsonderwijs. In het eerste inleidende deel is aandacht besteed aan de verschillen tussen leerlingen. Dit tweede deel biedt handvatten en tools hoe om te gaan met de verschillen en nog beter in te spelen op de diverse beweegmotivaties.

Het belang van het respecteren en waarderen van verschillen wordt vanuit een drietal invalshoeken onderstreept: speelkriebels, modaliteiten en skill-willmatrix. Inspirerend bewegingsonderwijs geeft duidelijke en concrete handvatten die een bijdrage leveren aan het afstemmen van bewegingsactiviteiten en de manier van begeleiden waarbij tegemoet gekomen wordt aan de specifieke beweegwensen, belevingen en speelmotieven van kinderen.

 

Een speelkriebel is de betekenis die een kind geeft aan het materiaal of de bewegingssituatie. Het zorgt voor het op eigen manier vorm en inhoud geven aan een specifieke activiteit. De speelkriebel is wat de bewegingsactiviteit maakt tot een activiteit waarmee het kind iets kan. Kinderen hebben en ervaren verschillende speelkriebels en komen verschillende dingen halen en brengen in de les.

 

Oog hebben voor de specifieke speelkriebels zorgt dat bewegingsactiviteiten beter gaan aansluiten bij wat een kind wil en kan; een bewegingsomgeving wordt gecreëerd waarin activiteiten meer gaan lukken. De succeservaringen nemen toe, de bewegingsontwikkeling krijgt een ‘boost’ en de motivatie wordt vergroot. Veelal is dit de intrinsieke motivatie om meer te gaan exploreren en te experimenteren.

 

meer lezen 0 Berichten

Wat maakt bewegingsonderwijs inspirerend?

Bewegen kan leuk en uitdagend zijn; goed voor lijf en leden. Zelfs stimulerend en inspirerend. Wat maakt nu dat deze termen met een zekere regelmaat worden verbonden aan het bewegen en daarmee aan het onderwijs in dit bewegen?


In deze tweedelige serie ligt de focus op de beweegmotivatie van leerlingen en hoe
met je eigen handelen je hierop kunt inspelen.

Waarop leg je accenten leggen zodat iedere leerling aan bod komt? Hoe kun tijdens bewegingslessen recht doen aan de grote diversiteit van motieven, belevingen en beweegredenen van kinderen en jongvolwassenen?

meer lezen 0 Berichten

Trots en met veel plezier...

Trots en met veel plezier informeer ik je dat we ‘ons boek’ 

nu echt in handen hebben.

Het boek Beter spelen en bewegen met kleuters is een rugzak vol praktische tips en theoretische kennis om een goede inhoudelijke bewegingsles te verzorgen.

Het biedt praktische handvatten voor het verzorgen van bewegingsonderwijs met kleuters. De vele foto’s en praktische voorbeelden maken het - zo is ons verteld - tot een zeer toegankelijk boek en zou volgens het tijdschrift

‘Het Jonge Kind’ op elke school aanwezig moeten zijn.

Een kijkje nemen?

Dat kan. Klik op de knop hiernaast om een kijkje te nemen en het boek alvast door te bladeren.

Ik ben zeer benieuwd naar je reactie en hoor deze graag.

 


meer lezen 0 Berichten

Samenwerkingspartners 









Wat partners over ons zeggen


"De docenten die bijblijven zijn zij die de liefde voor hun vak over
weten te brengen op hun studenten. Theo en Mariska zijn zulke docenten."

Nick Vissers - Praktijk voor Psychomotorische Kindertherapie


"Dank Theo, voor de zeer inspirerende en leerzame les Vakdidactiek!
Op naar onze persoonlijke visie op het onderwijs in bewegen"

Raymond Lempers - Academie voor Lichamelijke Opvoeding


“We hebben enorm genoten. Mariska heeft de cursus ontzettend goed gegeven. 

We hebben nu weer hele nieuwe inspirerende ideeën opgedaan en gekregen.“

 

Cora Hardam - Prins Florisschool Papendrecht